Salties

Salties is hoofdstuk 23 uit het E-book “In de tent gelokt”. Een kort kampeerverhaal.  Het hele E-book is te bestellen via onze webshop. Of lees het E-book gratis met Kobo plus op Bol of Kobo.

Zijn vrouw was er mee begonnen. Als eigenaar en beheerder van het campingpark vond hij dat ze het goed had bedacht toen ze het park op hadden gezet. Dat is nu een jaar of vijftien geleden. De naamboordjes bij de velden hebben eigenlijk een opknapbeurt nodig. Hij kan zich er alleen niet toe zetten. Ad is een harde werker, niets is hem te veel. Maar hij heeft er inmiddels zo’n weerzin tegen, dat het hem maar niet lukt om dit karwei te klaren. Zoveel zijn het er ook weer niet. Zo heb je de velden, De Alligator, De Krokodil, De Kaaiman, De Gaviaal en bij het sanitair gebouw staat nog een bordje De Brak. Een grapje van zijn vrouw. Hij heeft zelf ook een bijdrage geleverd, uit noodzaak geboren dat wel. Bij het meer buiten de camping staat een bord Salties. Zonder het woordje “De” ervoor. In het begin maakte het de gasten niet uit en gingen ze met snelle bootjes het water op. Ad had gezien dat er steeds ‘bijna’ ongelukken waren. Voor zwemmen leende het meer zich niet. Het was te diep, als je het water inloopt dan sta je onmiddellijk tot aan  je middel  in het water. Het bleek voor de kinderen te gevaarlijk. Het meer is dan ook alleen toegankelijk voor de sportvissers die weten wat ze doen. Ze mogen met een bootje het meer op tot waar de boeien liggen.

Ad heeft het meer afgezet met hekken, niet helemaal rondom, precies tot aan de boeien. Het meer is zo groot dat het geen doen is om alles af te zetten. Onderwater heeft hij een net gespannen. Bordjes op palen geven aan dat de vissers hier niet mogen vissen. Hij heeft er in rode letters op gezet: Pas op niet betreden Salties.

Op een mooie zomerdag deed hij zijn gebruikelijke rondje om te kijken of alles in orde was. Ze hadden net een hele groep jongelui ontvangen op het campingpark. Het was er die week nogal rumoerig aan toe gegaan. Het was een stelletje pubers die wel van een lolletje hielden. Zo vond hij in het zwembad veertien paarse opblaas krokodillen. Leuk bedacht, maar het was wel het begin van het einde. Bij het eten in het restaurant werd er uiteraard om krokodillenvlees gevraagd. Bij het opdienen van de spaghetti werd er gevraagd of deze wel beetgaar was. Die middag zag hij ze voor het eerst bij het meer. Hij moest nog eens goed door zijn verrekijker turen of het echt zo was. En of het de real deal was. Tegen de tijd dat hij er aan kwam waren ze door het tij onderwater verdwenen. Hij hoopte dat deze niet expres achter waren gelaten, maar vooral dat het er niet meer zouden worden. Vanaf die dag verafschuwde hij ze. Tot overmaat van ramp kwam zijn vrouw er drie dagen later ook mee thuis.

Zo vaak als kan gaat hij op missie. Hij moet het sluw aanpakken, anders hebben ze hem door. Hij wil er zoveel mogelijk vangen, maar zonder dat het opvalt. Anders zou er paniek uitbreken bij de gasten. En dat was niet zijn bedoeling. Hij wilde ze alleen maar uitroeien. Ze zijn in de ogen van Ad te walgelijk. Die van zijn vrouw moest hij wel accepteren. Dat kon hij niet maken. Maar ze had wel de trend gezet op de camping, uitgerekend zij. Hij kon ze wel vervloeken die dingen. Maar ja, je kan niet alles verbieden. Het is al donker als hij op pad gaat. Hij heeft een zaklamp bij zich, vaak lichten de ogen op als je op ze schijnt. Ze zitten een beetje aan de zijkant. En als hij mazzel heeft hoort hij ze aankomen. Vooral als het stil is op de camping. Je hoort het stappen dan op het grindpad.  Hij heeft ze erop betrapt dat ze met enige regelmaat in De Brak zijn geslopen.

Vanavond is het geluk niet met hem. Het is koud en daar houden ze niet van. Dan verstoppen ze zich tot de zon weer gaat schijnen. Daar houden ze van. Ad weet dat er geruchten gaan dat je goed op moet passen op de camping. De dorpelingen laten ‘het meer Salties’, inmiddels links liggen. Ze komen er niet meer, te gevaarlijk. Dat doet Ad goed. Hij had een slim plan bedacht om de geruchten zo snel mogelijk te verspreiden. En waar kan je dat het beste doen? Precies in de plaatselijke kroeg. Hij heeft een verhaal opgehangen dat de gasten ze meebrengen, maar dat het aantal zulke vormen aanneemt, dat het haast niet meer te overzien is. Maar in plaats van dat dat soort campinggasten wegblijft, komen er steeds meer die ze meenemen. Ad kan er niet precies de vinger opleggen waarom, maar hij vindt ze vreselijk. Sommige hebben een print die niet om aan te zien zijn. Hij heeft ze in het café wijs kunnen maken dat ze ook een verzamelplaats hebben, maar dat hij er nog niet achter is waar dat is. Misschien dat hij morgenavond meer geluk heeft. De weersvoorspelling zijn beter voor morgen.

Na een dag met allerlei voorvallen, van een verstopt toilet tot een keukenbrandje in één van de caravans is Ad doodmoe. Hij zit op zijn stoel een beetje in te dutten. Al kwebbelend tegen hem is zijn vrouw is bezig in de keuken de vaatwasser in te ruimen.

– Zeg Ad heb je het al gehoord, er is een nieuw soort uit. Die bijt de anderen niet, maar is toch anders. Ik denk dat ik morgen naar de stad ga en deze ga kopen. Vind je dat goed lieverd?

Ad schiet overeind in zijn stoel.

– Er zijn er al meer dan genoeg, misschien moet je die je hebt gewoon beter verzorgen. Ik ga mijn ronde doen. Hij pakt zijn zaklamp en hoopt dat hij er een paar vind vanavond.

Hij loopt het pad af en gaat richting De Alligator, daar heeft ie de meeste kans. In de afgelopen weken heeft ie er al een paar gepakt. Hij houdt zijn adem in om te luisteren of hij ze hoort. Ze hebben zo’n uitgesproken irritant geluid. Niets. Dan ziet hij een oog oplichten.

– Hebbes, jij bent voor mij.

Uiterst voorzichtig pakt hij hem op. Jammer het is maar een enkeling en nog heel ook. Hij stopt hem in zijn speciaal daarvoor meegenomen canvas zak. Hij heeft eigenlijk geen zin om een heel eind te lopen om een enkeling los te laten in het meer. Mee naar huis nemen is ook geen optie. Stel dat zijn vrouw het ziet. Dan zijn de rapen gaar. Hij zou de zak wel kunnen verstoppen, maar waar. Zijn hersenen maken overuren. Het zwembad, dat kan prima. Het dekzeil haalt hij er toch morgenochtend zelf af.

Vroeg in de morgen, eerder dan normaal, begeeft Ad zich naar het zwembad. Hij ziet dat het dekzeil dubbelgeklapt op de kant ligt. Zijn hart gaat sneller kloppen. Hij hoopt niet dat de zak ontdekt is. Snel loopt hij naar de achterkant, naar het diepere gedeelte waar het dekzeil ligt. Gelukkig de zak ligt er nog, ze zijn blijkbaar te lui geweest om het er helemaal af te halen. En godzijdank liggen er geen extra exemplaren bij het zwembad. Dat had zijn dag helemaal verziekt. Vanochtend had hij gelezen dat er wereldwijd al zeshonderd miljoen verkocht zijn in negentig landen. Je kan dus wel spreken van een plaag, die niet meer uit te roeien valt. Ineens valt zo’n oog op de struik naast het zwembad, ligt daar nou een bruin exemplaar? Die heeft hij nog niet gezien. Misschien dat iemand uit het buitenland deze meegebracht heeft. Hij kijkt om zich heen of niemand het gezien heeft. Niets en niemand te bekennen. Geslepen en geoefend als hij inmiddels is, heeft ie het bruine ding in de tas zitten. Dat maakt dat ie zich iets beter voelt. Bruin, dat is tenminste iets anders.

Vroeg in de middag ziet hij zijn vrouw thuiskomen. Een tevreden glimlach op haar gezicht verraadt dat ze is wezen winkelen. Ad loopt naar het huis, eigenlijk wil hij het niet weten. Maar stel dat ze een paartje heeft gekocht met camouflageprint. Daar valt nog enigszins mee te leven. Op hetzelfde moment komen twee vissers aangelopen.

– Sorry zegt de ene visser, maar we zaten verstrikt in je net op het meer. We hebben alles geprobeerd om het net van de buitenboordmotor te krijgen. Dat is gelukt, maar we hebben wel een bijvangst.

Een hele kleurrijke ook. Ad krijgt het Spaans benauwd. De andere visser opent de zak die hij op zijn rug meedraagt en schudt deze uit op de grond. Een hele lading ‘crocs sandalen’ in verschillende maten , kleuren en modellen liggen op een hoop.

– En dit is nog maar het begin zegt de visser. Er komt geen einde aan.

– Dat klopt zegt Ad. Er komt geen einde aan.